Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.005

Sector: grootmetaal

Trefwoorden: instemmingsrecht, adviesrecht, intrekking bemiddelingsverzoek

Kern van het geschil
De bestuurder wil vanwege achterstallig onderhoud binnen een bedrijfsonderdeel een 2-ploegendienst inzetten voor de duur van 27 maanden. Naast vaste werknemers zullen hiervoor ingeleende werknemers worden ingezet. Volgens de OR is dit een instemmings- én adviesplichtig besluit. Volgens bestuurder is dat niet geval, omdat het een tijdelijke maatregel betreft, op basis van een vrijwillige regeling en van een geringe omvang.

Partijen
De OR vindt dat er sprake is van een besluit in de zin van art. 27, lid 1, sub b van de WOR aangezien het een arbeids- en rusttijdenregeling betreft, alsook dat de cao een additioneel instemmingsrecht aan de OR toekent. Verder betreft het volgens de OR een besluit in de zin van art. 25, lid 1, sub g van de WOR i.v.m. het groepsgewijze werven of inlenen van arbeidskrachten. Bestuurder vindt dat omdat het rooster al voor een andere afdeling wordt gehanteerd er geen sprake is van een invoering, maar een uitbreiding. Verder betreft het besluit niet het inlenen van personeel, maar het inzetten van reeds ingehuurde arbeidskrachten, die al sinds geruime tijd binnen de onderneming werkzaam zijn. Verder is het uit de cao voortvloeiende benodigde overleg met de OR al geweest.

De bemiddelingszitting
Partijen zijn het erover eens dat de discussie vooral gaat over het recht op instemming en advies en hebben aangegeven een oplossing te willen zoeken. De commissie heeft daarna met partijen getracht een oplossing te vinden. Partijen hebben afgesproken om onderling verder in overleg te treden en tot afspraken te komen over onder meer het instemmingsrecht. In afstemming met de commissie is de behandeling van het bemiddelingverzoek daarop aangehouden.

Intrekking van het bemiddelingsverzoek
In de periode daarna hebben partijen nadere afspraken gemaakt en vervolgens hebben zij de commissie bericht dat met een tussen partijen ondertekende overeenkomst de kwestie is opgelost, waarna de OR het bemiddelingsverzoek heeft ingetrokken.

Veel gepubliceerd over voorlopige voorziening
Over deze kwestie is veel te doen geweest in de medezeggenschapsbladen en -nieuwsbrieven, omdat de OR gedurende de procedure bij de bedrijfscommissie ook de kantonrechter om een voorlopige voorziening had verzocht. De zitting bij de kantonrechter vond een week vóór de bemiddelingszitting van de BC Markt I plaats. De kantonrechter achtte het door de OR gevorderde verbod tot uitvoering van het besluit niet opportuun. De rechter achtte geen redenen aanwezig om de behandeling bij de bedrijfscommissie niet af te wachten, gezien het feit dat de procedure daar reeds liep en wees de vordering af.
 

Er kunnen geen rechten worden ontleend aan dit bericht/deze tekst. Deze geanonimiseerde samenvatting van een bemiddelingsadvies van de bedrijfscommissie wordt gepubliceerd om inzage te geven in de aard van het uitgebrachte advies. Met deze publicatie wordt geen jurisprudentievorming beoogd, aangezien de commissie steeds met maatwerkoplossingen komt, gericht op het(/de) specifieke (omstandigheden van het) geval.

powered by sitecore