Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.022

Sector: taxivervoer

Trefwoorden: instelling OR (art. 2 WOR)schriftelijke behandeling

Het geschil speelt zich af tussen een vakbond en een aantal werknemers van een taxibedrijf, die stellen dat de werkgever verplicht is een OR in te stellen en weigert hieraan mee te werken.

Kern van het geschil
Een vakbond en meerdere werknemers van het taxibedrijf (hierna: de vakbond c.s.) stellen dat de werkgever verplicht is een OR in te stellen, omdat er meer dan 50 werknemers werkzaam zijn conform art. 2, lid 1 van de WOR. De werkgever is daar meerdere malen op gewezen en verzocht om overleg te voeren, er is zelfs actie gevoerd. Na door de BC Markt I om een reactie te zijn gevraagd, geeft de werkgever aan dat er geen geschil is, dat hij meewerkt aan het verzoek tot oprichting van een OR en dat hij een voorlopig reglement aan de vakbonden zal voorleggen, waarna het aan de BC Markt I wordt toegezonden. Partijen zijn uitgenodigd voor een bemiddelingszitting, maar de werkgever geeft daarop aan niet te zullen verschijnen. Op verzoek van de vakbond c.s. behandelt de BC Markt I (hierna: de commissie) het verzoek verder schriftelijk.

Advies van de commissie
In haar advies wijst de commissie werkgever erop dat indien er 50 of meer personen in het bedrijf werkzaam zijn, hij verplicht is om een OR in te stellen conform art. 2, lid 1 van de WOR. Uit de stukken kan worden afgeleid dat de werkgever lijkt te doen alsof hij vindt dat een OR gewenst is en daaraan meewerkt, maar deze medewerking is nog niet geconcretiseerd, waardoor de commissie het begrijpelijk acht dat de vakbond c.s. geen vertrouwen hebben in de samenwerking met de werkgever. Partijen worden gewezen op hun gezamenlijk belang bij het goed functioneren van de onderneming in al haar doelstellingen, alsook dat dit laatste niet uitsluitend een zaak is van de ondernemersleiding, maar ook van de werknemers en hun vertegenwoordiger, i.c. de OR. Daarbij is een goede verstandhouding, gebaseerd op vertrouwen en wederzijds respect, essentieel. De commissie adviseert de werkgever om met onmiddellijke ingang, in samenwerking met de betrokkenen, te investeren in het vormgeven van de medezeggenschap binnen het taxibedrijf.
De commissie ziet daarbij, als eerste aanwijzing in de gewenste richting, het toegezegde voorlopig reglement op korte termijn tegemoet. 
 

Er kunnen geen rechten worden ontleend aan dit bericht/deze tekst. Deze geanonimiseerde samenvatting van een bemiddelingsadvies van de bedrijfscommissie wordt gepubliceerd om inzage te geven in de aard van het uitgebrachte advies. Met deze publicatie wordt geen jurisprudentievorming beoogd, aangezien de commissie steeds met maatwerkoplossingen komt, gericht op het(/de) specifieke (omstandigheden van het) geval.

powered by sitecore