Bemiddelingsadvies BC Markt II 13.016

Sector: welzijn 

Trefwoordeninstelling (gemeenschappelijke) OR

Kern van het geschil

Binnen de (landelijke) vereniging X opereren diverse (locale) stichtingen, waaronder stichting Y Den Haag. Verzoekers (werkzaam bij stichting Y Den Haag) menen dat het instellen van een (gemeenschappelijke) OR op verenigingsniveau verplicht is. De stichtingen zijn namelijk als verenigingslid verbonden aan de vereniging X. De werkgever meent dat een PVT genoeg medezeggenschap biedt voor stichting Y Den Haag. 

Advies van de commissie

Uitgangspunt voor medezeggenschap is, dat deze de zeggenschap volgt. Het is de commissie niet geheel duidelijk of en in hoeverre de individuele stichtingen daadwerkelijk de vrijheid hebben om af te wijken van besluiten die zijn genomen in de Algemene Ledenvergadering (ALV), omdat afwijking kennelijk (nog) niet heeft plaatsgevonden. Het lijkt er evenwel op dat door de ALV medezeggenschapsgerelateerde besluiten worden genomen die directe werking hebben voor de afzonderlijke stichtingen, terwijl noch op het niveau van vereniging X, noch op het niveau van de afzonderlijke stichtingen voor de totstandkoming van dergelijke besluiten (op adequate wijze) is voorzien in medezeggenschap. Daarvan uitgaand zou de instelling van een (gemeenschappelijke) OR als bedoeld in artikel 3 WOR bevorderlijk zijn voor een goede toepassing van de wet in de betrokken stichtingen.

Van de zijde van vereniging X is tijdens de zitting aangegeven dat zij binnenkort staat voor een keuze omtrent haar toekomstige structuur, waarbij als kernvraag aan de orde is of sprake zal zijn van centrale of decentrale besluitvorming binnen de organisatie. De commissie acht het wenselijk dat voor besluiten op centraal niveau, die ook gelden voor het decentrale niveau, ook de medezeggenschap op centraal niveau wordt geregeld. In dat kader adviseert de commissie de vereniging X vóór 1 januari 2014 een duidelijke keuze te maken over het centraal dan wel decentraal regelen van medezeggenschapsgerelateerde besluitvorming. Wordt gekozen voor een centrale besluitvormingsstructuur, dan adviseert de commissie een gemeenschappelijke OR in te stellen met onderdeelcommissies bij de aangesloten stichtingen. Wordt gekozen voor volledig decentrale besluit­vorming, dan adviseert de commissie op individueel stichtingsniveau OR’en of PVT’en in te stellen. Om ervoor te zorgen dat de medezeggenschap op adequate wijze functioneert, adviseert de commissie de bestuurder tevens te investeren in deskundigheidsbevordering op het gebied van medezeggenschap voor zowel de bestuurder als de leden van de medezeggenschap.


Er kunnen geen rechten worden ontleend aan dit bericht/deze tekst. Deze geanonimiseerde samenvatting van een bemiddelingsadvies van de bedrijfscommissie wordt gepubliceerd om inzage te geven in de aard van het uitgebrachte advies. Met deze publicatie wordt geen jurisprudentievorming beoogd, aangezien de commissie steeds met maatwerkoplossingen komt, gericht op het(/de) specifieke (omstandigheden van het) geval.

powered by sitecore