Bemiddelingsverzoek BC Markt II 13.025

Sector: onderwijs 

Trefwoordeninstemmingsrechtadviesrecht

Kern van het geschil

De OR en de bestuurder verschillen van mening over de vraag of het instellen van nieuwe functies of het aanpassen van bestaande functies en/of de beloning van deze functies ter instemming moet worden voorgelegd aan de OR.

Advies van de commissie

Tijdens de zitting is vooral ingegaan op de (kern)vraag wat partijen voor ogen hebben omtrent hun (formele) rol bij veranderingen in de organisatie, zoals het instellen van nieuwe functies. De commissie heeft partijen allereerst het belang van goede medezeggenschap binnen een organisatie duidelijk gemaakt hetgeen een inspanningsverplichting van twee kanten vraagt. Om medezeggenschap als een goed ‘geoliede machine’ te laten werken beveelt de commissie de bestuurder aan om naast belangrijke voorgenomen (formele) besluiten ook andere (met name voor het personeel belangrijke) zaken in een zo vroeg mogelijk stadium, eventueel in informeel overleg, te delen met de OR. Een open overleg creëert de mogelijkheid dat OR en bestuurder kunnen bezien of een bepaald onderwerp van belang is voor de medezeggenschap en/of er formele rechten voor de OR in het geding zijn, in welke vorm dan ook.

Los gezien van gemaakte afspraken tussen partijen merkt de commissie op dat de OR normaliter geen formele rol (advies- en/of instemmingsrecht) heeft als het individuele functies betreft, maar dat de OR weer wel medezeggenschap toekomt als het gaat om belangrijke nieuwe functies die bijvoorbeeld leiden tot een wijziging binnen de organisatie. Zo is een van de kenmerken van een organisatiewijziging, als het organogram van de organisatie wijzigt. Hieruit bezien meent de commissie dat het apart plaatsen van een hoofd van de afdeling ICT binnen de betreffende organisatie heeft geleid tot een wijziging van het organogram en komt het haar voor dat dit een wijziging betreft die (krachtens artikel 25, lid 1 sub e WOR) voorgelegd had moeten worden aan de OR.

In haar advies heeft de commissie partijen verder meegegeven dat het vaak minder relevant is welk specifiek formeel recht in een bepaald geval aan de orde is. De door de commissie geconstateerde hoge mate van betrokkenheid bij beide partijen kan ook los gezien worden van formele OR-rechten. De commissie wenst aan de bestuurder mee te geven ruimhartig te zijn richting de OR door zo mogelijk meer te doen dan puur formeel vereist is. Partijen dienen zich er voorts van bewust te zijn dat er altijd interpretatieverschillen over formele rechten en plichten kunnen ontstaan. Niet altijd op voorhand is aan te geven welke wijzigingen in een organisatie welke formele rechten voor de OR met zich meebrengen. Een concreet antwoord kan in belangrijke mate afhangen van de betreffende specifieke casuïstiek en de omstandigheden in de organisatie.
 
Er kunnen geen rechten worden ontleend aan dit bericht/deze tekst. Deze geanonimiseerde samenvatting van een bemiddelingsadvies van de bedrijfscommissie wordt gepubliceerd om inzage te geven in de aard van het uitgebrachte advies. Met deze publicatie wordt geen jurisprudentievorming beoogd, aangezien de commissie steeds met maatwerkoplossingen komt, gericht op het(/de) specifieke (omstandigheden van het) geval.

powered by sitecore