Bemiddelingsverzoek BC Markt I 15.003

Sector: transport

Trefwoorden:  verkiezingen, communicatie, procedurele termijnenOR-reglement

Kern van het geschil

Verzoeker, een werknemer die in het verleden OR-lid is geweest en zich bij de laatste verkiezingen kandidaat heeft gesteld, heeft enkele bezwaren jegens de OR. Deze richten zich enerzijds op (de bezwaartermijn uit de bezwaarbepaling van) het reglement en het verloop van de OR-verkiezingen (aanpassing reglement tijdens procedure, tijdsbestek en zetelverdeling). Het is voor de OR niet duidelijk wat verzoeker beoogt te bereiken met het bemiddelingsverzoek. De OR meent transparant en zorgvuldig te hebben gehandeld en dat het reglement aan de vereisten voldoet. De OR meent dat de inhoud van het reglement en de indeling in kiesgroepen verantwoordelijkheden betreffen van de OR.

Bemiddelingszitting en advies

De commissie heeft partijen ter zitting duidelijk gemaakt dat inhoud en vaststelling van het reglement primair een aangelegenheid is van de OR. De in casu door verzoeker betwiste bezwaarbepaling uit het OR-reglement moet niet gezien worden als een bezwaarmogelijkheid voor externen om bezwaar te maken tegen het reglement op zich. De betreffende regeling biedt de mogelijkheid bezwaar te maken tegen (procedurele) besluiten van de OR met betrekking tot de verkiezingen. Dat betekent echter niet dat een betrokkene (zoals verzoeker) geen bedenkingen kan uiten tegen een opgesteld reglement of (praktische) tips aan de OR kenbaar kan maken. In het verlengde hiervan merkt de commissie ten aanzien van de zetelverdeling over de kiesgroepen op dat dit een aangelegenheid betreft tussen OR en ondernemer. De commissie kan in dit opzicht niets anders concluderen dan dat de OR in zijn (schriftelijk) verweer een plausibele en gemotiveerde toelichting heeft gegeven hoe hij hierin heeft gehandeld en dat daar niet uit is gebleken dat de OR onzorgvuldig zou hebben gehandeld.

Zoals ook door de OR in zijn (schriftelijke) reactie naar voren is gebracht vereist het organiseren van verkiezingen een nauwkeurige aanpak. De organisatie van de verkiezingen behoort tot de verantwoordelijkheden van de OR.
Ten aanzien van de kandidaatstellingsprocedure in het reglement is het de commissie gebleken dat de OR duidelijk heeft gemaakt dat door een (terechte) opmerking van verzoeker het reglement moest worden gewijzigd teneinde een juiste procedure mogelijk te maken. Er stond, zo getuige ook het standpunt van de OR, een fout in het reglement en de OR heeft dit punt op dat moment alsnog onder de loep genomen en gewijzigd. Hoewel het fraaier was geweest deze reglementswijziging in een meer vroegtijdig stadium te laten plaatsvinden, is de commissie van mening dat deze gang zaken de OR niet te zwaar kan worden aangerekend. De commissie constateert namelijk dat deze wijzing plaatsvond tijdens de voorbereiding van de verkiezingsprocedure en niet tijdens de verkiezingsprocedure zelf. De commissie hoopt dat de OR lessen trekt uit deze gang van zaken, teneinde niet opnieuw in soortgelijke impasses met belanghebbenden, zoals in casu met verzoeker, te komen.

Nader ingaand op de kandidaatstellingsprocedure tijdens verkiezingen is de commissie van oordeel dat een bezwaartermijn van een week, zoals opgenomen in de betreffende bepaling van het reglement, niet ongebruikelijk is gelet op de diverse fasen in het verkiezingsproces, teneinde in een werkbare planning voor de verkiezingsprocedure te kunnen voorzien.

De commissie adviseert partijen voor de toekomst niet tegen maar met elkaar te communiceren. Het is in het belang van de medezeggenschap elkaars krachten te benutten. De commissie is verheugd te vernemen dat de huidige OR zijn werkwijze (verder) wenst te professionaliseren. De commissie is voorts verheugd te hebben geconstateerd dat de voorliggende bezwaren van verzoeker zijn verhelderd en dat partijen na afloop van de zitting hebben uitgesproken dat sprake is geweest van een geslaagde bemiddeling.   

Er kunnen geen rechten worden ontleend aan dit bericht/deze tekst. Deze geanonimiseerde samenvatting van een bemiddelingsadvies van de bedrijfscommissie wordt gepubliceerd om inzage te geven in de aard van het uitgebrachte advies. Met deze publicatie wordt geen jurisprudentievorming beoogd, aangezien de commissie steeds met maatwerkoplossingen komt, gericht op het(/de) specifieke (omstandigheden van het) geval.

powered by sitecore