Trefwoord: CAO

Bemiddelingverzoek BC Markt II 17.004 (sector: welzijnssector)
Binnen de kinderopvang-organisatie is er een attentiebeleid. Onderdeel van dit attentiebeleid is een regeling inzake uitkeringen bij jubilea. Dit beleid houdt in dat een uitkering wordt verstrekt bij het respectievelijk 5, 10 en 15 jaar in dienst zijn van de organisatie. De bestuurder heeft dit beleid (per direct) geschrapt. Daarbij heeft zij als argument gegeven dat er in de van toepassing zijnde CAO Kinderopvang (hierna: CAO) een soortgelijke bepaling (artikel 6.3) staat (maar met andere jubileumtermijnen) en dat van deze CAO niet mag worden afgeweken. Ook niet in positieve zin. Naar de visie van de OR is dit niet correct en mag er wel in positieve zin worden afgeweken van de CAO. De OR is de mening toegedaan dat een beleid dat in samenspraak tussen OR en bestuurder tot stand is gekomen, niet eenzijdig door de bestuurder ingetrokken mag worden. Beide partijen hebben ter onderbouwing van hun standpunt extern juridisch advies ingewonnen. De adviezen van deze juristen spreken elkaar echter tegen.

Bemiddelingverzoek BC Markt I 16.016 (sector: industrie) 
De OR verzoekt de bedrijfscommissie te bemiddelen c.q. een advies uit te brengen inzake een geschil over een instemmingsaanvraag. Kern van het geschil is de vergoeding en inrichting van een consignatiedienst op één van de locaties van de onderneming. De OR heeft negatief beslist op een in april 2016 ontvangen instemmingsverzoek en daarbij aangegeven dat indien aan een viertal voorwaarden wordt voldaan alsnog instemming wordt verleend. De bestuurder heeft aangegeven niet aan een tweetal voorwaarden te zullen voldoen. De OR is van mening dat de bestuurder onvoldoende (financiële) maatregelen treft om de negatieve gevolgen van de roosterwijziging op te vangen. De bestuurder wijst in zijn reactie op de geringe wijzigingen in de consignatiedienst en de financiële impact daarvan. Verder is de bestuurder van mening dat de discussie over een afbouwregeling niet met de OR maar met de vakbonden moet worden gevoerd in het kader van het overleg over de CAO.

Bemiddelingverzoek BC Markt I 16.006 (sector: industrie) 
De OR heeft zijn instemming onthouden aan een nieuwe uitvoeringsovereenkomst die de bestuurder heeft afgesloten met een pensioenuitvoerder. De nieuwe uitvoeringsovereenkomst levert voor de bestuurder bijkomend een jaarlijkse lastenverlichting op. De OR en de bestuurder hebben onderhandelingen gevoerd over diverse onderdelen van de overeenkomst. Hoewel zij elkaar qua standpunt dicht genaderd waren konden zij niet tot overeenstemming komen, waarop de OR de instemming heeft onthouden.

Bemiddelingverzoek BC Markt I 15.007 (sector: veehouderij) 
De bestuurder, een ondernemer in de veehouderij, wil de werktijden aanpassen, met als gevolg dat de medewerkers minder ADV-uren opbouwen. Partijen vragen de bedrijfscommissie een uitspraak te doen over de vraag of de personeelsvertegenwoordiging (PVT) in deze kwestie wel of niet instemmingsrecht heeft. De geldende CAO biedt ruimte aan een bedrijf om werktijden vast te stellen die afwijken van de CAO. Dat is in het verleden ook gebeurd. Afgesproken is toen dat de werktijd 37,5 uur per week zouden bedragen. Ervan uitgaande dat het werk aanvangt om 7.30 uur en er 50 minuten pauze is, betekent dit dat het werk van medewerkers dagelijks om 15.50 uur zou moeten eindigen. Omdat de werkgever dat destijds onwenselijk vond is toen de afspraak gemaakt dat de medewerkers tot 16.10 uur werken en dat de aldus extra op te bouwen tijd (20 minuten) dient te worden beschouwd als ADV-uren, die twee of drie wekelijks kunnen worden opgenomen. Thans wil de werkgever de werktijden laten eindigen om 16.00 uur, waardoor de opbouw van ADV-uren wordt gehalveerd. De PVT stelt zich op het standpunt instemmingsrecht te hebben. Partijen vragen in deze kwestie geen bemiddeling maar een oordeel van de bedrijfscommissie.

Bemiddelingverzoek BC Markt II 15.004 (sector: zorg)
De organisatie gaat verhuizen naar een andere stad. In 2010 zijn afspraken gemaakt over een op de reiskostenvergoeding aanvullende vergoeding voor alle medewerkers die, als gevolg van de verhuizing, meer moeten gaan reizen. In 2013 verhuist de organisatie feitelijk en moet de aanvullende vergoeding ingaan. In de tussenliggende periode is echter de CAO gewijzigd, inclusief de daarin geldende reiskostenregeling. Bestuurder en OR verschillen van mening over hoe de in 2010 gemaakte afspraken over de aanvullende vergoeding moeten worden uitgelegd in het licht van de gewijzigde CAO. De bestuurder is van oordeel dat deze wijziging van invloed is op de gemaakte afspraken over de aanvullende vergoeding. Omdat onder de oude CAO medewerkers tot een reisafstand van 10 km geen recht hadden op een reiskostenvergoeding en onder de nieuwe CAO wel, vindt de bestuurder dat de ontvangen reiskosten moeten worden verrekend met de aanvullende vergoeding. De OR is van mening dat er geen verrekening zou moeten plaatsvinden. De wijzigingen in de CAO zouden in de praktijk tot gevolg hebben dat de kosten van de aanvullende vergoeding ongeveer zouden verdubbelen.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.019 (sector: dienstverlening)
Het geschil betreft de vraag of sprake is van een reorganisatie in de zin van de WOR. Aanleiding voor het geschil is het stopzetten van een van de projecten van de organisatie (door een externe opdrachtgever) waardoor de bestuurder zich genoodzaakt ziet een aantal werknemers te ontslaan. De OR is van mening dat er sprake is van een reorganisatie en heeft bestuurder erop gewezen dat er in dat geval een reorganisatieplan dient te worden opgesteld dat aan de OR moet worden voorgelegd voor advies. Naar de mening van de bestuurder is er geen sprake van een reorganisatie en daarom ook niet van een adviesplichtige situatie. Bestuurder beroept zich er op dat de betreffende situatie volgens de van toepassing zijnde cao geen reorganisatie is en dat het niet de organisatie zelf is, maar een andere organisatie die het besluit (stopzetten van het project) heeft genomen.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.014 (sector: zorg)
Het geschil in deze zaak speelt bij twee ziekenhuizen die een aantal jaren geleden bestuurlijk zijn gefuseerd en op termijn juridisch zullen fuseren. Eén stap in dit traject is het harmoniseren van arbeidsvoorwaarden. Een werkgroep waarin ook OR-leden zitting hadden heeft een harmonisatiepakket voorgesteld en de bestuurder heeft dit overgenomen op één element na, de compensatie van feestdagen.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.012 (sector: welzijn)
Een particuliere instelling voor geestelijke zorgverlening heeft een PVT. Sinds de cao-GGZ algemeen verbindend is verklaard tracht de PVT zich om te vormen tot een OR. In de cao is bepaald dat de instellingsgrens voor een OR op 35 werknemers ligt. Bij de organisatie werken momenteel 37 werknemers en de organisatie valt alleen onder de cao in de perioden dat deze algemeen verbindend is verklaard. De bestuurder stelt dat er minder dan 35 mensen werkzaam zijn bij de organisatie nu een aantal medewerkers werkzaam is op basis van een leer-arbeidsovereenkomst en daarom niet meetelt als in de onderneming werkzame personen als bedoeld in de WOR.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.011 (sector: welzijn)
Het geschil spitst zich toe op de toepassing van de cao-regeling in de kinderopvang betreffende de eindejaarsuitkering. Op grond van de cao moet in overleg tussen OR en bestuurder een eindejaarsuitkering van 3,5 procent worden vastgesteld, die wordt uitgekeerd afhankelijk van vast te stellen doelen en/of resultaten. De bestuurder heeft daartoe een voorstel gedaan, waarbij een deel van de eindejaarsuitkering afhankelijk wordt gesteld van het behalen door de organisatie van bepaalde financiële doelen. De OR gaat hiermee niet akkoord omdat in zijn ogen de mate van beïnvloedbaarheid van deze financiële doelen door de individuele medewerkers te gering is. De cao stelt deze beïnvloedbaarheid als eis.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.009 (sector: zorg)
Tijdens de piekuren overdag zijn er onvoldoende parkeerplekken voor patiënten, bezoekers en medewerkers van het ziekenhuis. De bestuurder heeft een pakket aan maatregelen ter zake ter instemming voorgelegd aan de OR op grond van artikel 27 WOR. Op grond van de cao moet ten aanzien van de inzet van woon-werkverkeergelden overeenstemming bestaan tussen bestuurder en de OR. De bestuurder heeft ook de besteding van de parkeergelden ter instemming aan de OR voorgelegd. De bestuurder heeft de OR meerdere malen een
(aangepast) instemmingsverzoek ex artikel 27 WOR voorgelegd en gevraagd in te stemmen met het pakket aan maatregelen ten aanzien van het bereikbaarheidsbeleid. Partijen komen niet tot overeenstemming.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.004 (sector: zorg)
Bestuurder stelt voor om in afwijking van de cao VVT een pauzeregeling te hanteren, waarbij medewerkers op de werkplek pauzeren en de pauzetijd als werktijd wordt aangemerkt.
Het betreft een onderneming in de intramurale verzorgingshuiszorg, verpleeghuiszorg en thuiszorg. In één van de thuiszorglocaties is een aantal kleinschalige wooneenheden voor mensen met dementie gehuisvest.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.003 (sector: welzijn)
Het gaat in dit geschil om een verlaging van de hoogte van de feestdagcompensatie van 8 naar 7,2 uur waarvoor de OR geen instemming voor verleent. De OR is van mening dat de bestuurder in strijd handelt met een goede toepassing van artikel 27 van de WOR. Volgens de bestuurder is de verlaging van de feestdagcompensatie een logisch gevolg van de invoering van de jaarurensystematiek (JUS) uit de vigerende cao voor de Gehandicaptenzorg, om invoering waarvan de OR in 2009 zelf verzocht heeft. 

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.025 (sector: onderwijs) 
Het geschil gaat over de op te stellen jaaragenda van 2012 en de daarop te baseren urenfacilitering. Tot 1 maart 2012 geldt een overgangsbepaling in de vorm van een overeenkomst tussen cao-partijen die de omvang van de faciliteiten voor een OR regelt. Verzoeker (OR) en verweerder (bestuurder) interpreteren deze bepaling echter verschillend.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.018 (sector: kinderopvang)
Het geschil gaat over het wel of niet uitkeren van de eindejaarsuitkering op basis van de cao voor de Kinderopvang en over de kosten voor het inschakelen van een juridisch adviseur door de OR.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.008 (sector: kinderopvang)
Het geschil gaat over het wel of niet uitkeren van de eindejaarsuitkering op basis van de cao voor de Kinderopvang.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.015 (sector: zorg) 
Het geschil gaat over de juridische vraag naar de reikwijdte van het standaardkarakter van de cao sector ambulancezorg (cao).

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.002 (sector: (gehandicapten)zorg) 
Het geschil betreft de faciliteitenregeling voor de Centrale Ondernemingsraad.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.001 (sector: kinderopvang) 
De cao bepaalt dat de eindejaarsuitkering 3,5% bedraagt en de uitbetaling van deze uitkering afhankelijk is van een financieel resultaat en/of een ander doel dat de werkgever en de OR vooraf hebben afgesproken.

powered by sitecore