Trefwoord: Instemmingsrecht

Bemiddelingsverzoek BC Markt II 17.002 (sector: zorg)
Eind 2015 is met instemming van de OR een urenregistratiesysteem ingevoerd, waarbij gebruik wordt gemaakt van een elektronische 'prikklok'. Alle apothekers van de keten dienen in- en uit te klokken. In het betreffende urenregistratiesysteem is in september 2016 per individuele apotheker een urenrooster vastgelegd, gebaseerd op de in de onderliggende arbeidsovereenkomst vastgelegde urenverplichting per week. Het conflict betreft specifiek het aan de prikklok gekoppelde urenregistratiesysteem en spitst zich toe op de (groep) apothekers. Partijen verschillen van mening over de bevoegdheden van de OR in deze kwestie.

Bemiddelingsverzoek BC Markt II 17.001 (sector: welzijnssector)
In de van toepassing zijnde CAO is bepaald dat door de ondernemer voor verschillende onderwerpen regelingen moeten worden gemaakt, die de instemming van de OR behoeven. Een van deze onderwerpen is de tegemoetkoming in de kosten van woon-werk verkeer. Binnen de onderneming is thans op dit onderwerp niets geregeld, maar zijn wel met enkele medewerkers individuele afspraken getroffen. Deze afspraken verschillen onderling van elkaar. Zowel de ondernemer (verzoeker) als de OR zijn van oordeel dat het goed is dat er een uniforme regeling komt. De OR kan echter niet instemmen met de door verzoeker voorgelegde concept regeling, omdat deze regeling geen recht doet aan de – naar de mening van de OR – op basis van de individuele afspraken verworven rechten van de medewerkers, die er als gevolg van deze regeling op achteruit zouden gaan.

Bemiddelingverzoek BC Markt I 16.016 (sector: industrie) 
De OR verzoekt de bedrijfscommissie te bemiddelen c.q. een advies uit te brengen inzake een geschil over een instemmingsaanvraag. Kern van het geschil is de vergoeding en inrichting van een consignatiedienst op één van de locaties van de onderneming. De OR heeft negatief beslist op een in april 2016 ontvangen instemmingsverzoek en daarbij aangegeven dat indien aan een viertal voorwaarden wordt voldaan alsnog instemming wordt verleend. De bestuurder heeft aangegeven niet aan een tweetal voorwaarden te zullen voldoen. De OR is van mening dat de bestuurder onvoldoende (financiële) maatregelen treft om de negatieve gevolgen van de roosterwijziging op te vangen. De bestuurder wijst in zijn reactie op de geringe wijzigingen in de consignatiedienst en de financiële impact daarvan. Verder is de bestuurder van mening dat de discussie over een afbouwregeling niet met de OR maar met de vakbonden moet worden gevoerd in het kader van het overleg over de CAO.

Bemiddelingverzoek BC Markt I 16.006 (sector: industrie) 
De OR heeft zijn instemming onthouden aan een nieuwe uitvoeringsovereenkomst die de bestuurder heeft afgesloten met een pensioenuitvoerder. De nieuwe uitvoeringsovereenkomst levert voor de bestuurder bijkomend een jaarlijkse lastenverlichting op. De OR en de bestuurder hebben onderhandelingen gevoerd over diverse onderdelen van de overeenkomst. Hoewel zij elkaar qua standpunt dicht genaderd waren konden zij niet tot overeenstemming komen, waarop de OR de instemming heeft onthouden.

Bemiddelingverzoek BC Markt II 16.003 (sector: onderwijs)
In een stichting binnen het onderwijs wordt het sturingsmodel gewijzigd. De wijzigingen houden in dat de verantwoordelijkheden en de bevoegdheden worden verlegd van het College van Bestuur (CvB) naar de directie, die bestaat uit een viertal regiodirecteuren. Het CvB zal uitsluitend nog een kaderstellende rol vervullen. De bevoegdheden van de directie worden geregeld in een bestuursreglement, waarin wordt geregeld dat een of meerdere van de directeuren in het vervolg zal/zullen fungeren als bestuurder in de zin van de WOR, in plaats van het CvB. Deze nieuwe bestuurder zal de gesprekspartner zijn van de OR. Het CvB blijft wel in beeld als formele gesprekspartner van de OR in de zin van de WOR, indien het aangelegenheden betreft die het CvB als bevoegdheden aan zichzelf heeft voorbehouden. Op deze wijze is het CvB van oordeel dat optimaal recht wordt gedaan aan de medezeggenschapsmogelijkheden voor de OR. De OR heeft twijfels over de legitimiteit van het voorgenomen besluit, dat ertoe kan leiden dat de OR voor verschillende onderwerpen met verschillende bestuurders te maken kan krijgen. Voorts is de OR niet om advies gevraagd in de procedure van benoeming van de directeuren/bestuurders. Om die reden heeft de OR niet ingestemd met het voorgenomen besluit. De bedrijfscommissie wordt gevraagd een oordeel uit te spreken over de kwestie. In het gezamenlijke verzoekschrift spreken partijen uit zich te zullen conformeren aan dat oordeel.

Bemiddelingverzoek BC Markt II 16.001 (sector: zorg)
Partijen verschillen van mening over de vraag of, en zo ja in welke gevallen, de OR instemmingsrecht heeft bij een werktijdenwijziging/wijziging roosterindeling. Voorgelegd zijn twee gevallen waarover partijen van mening verschillen. De OR meent voor beide gevallen om instemming te moeten worden gevraagd. Daarbij speelt dat de OR vindt dat de bestuurder onvoldoende rekening houdt met de sociale aspecten die roosterwijzigingen voor medewerkers hebben en wil daarom gebruik kunnen maken van het instemmingsrecht om in voorkomende gevallen sterker te staan in de discussie met de bestuurder. De bestuurder meent dat er geen sprake is van een algemene regeling die wijzigt en dat dus de OR geen instemmingsrecht toekomt.

Bemiddelingverzoek BC Markt II 15.007 (sector: cultuur)
Tussen OR en bestuurder bestaat verschil van mening over de vraag of de invoering van een ontwikkeltraject bij een enkele afdeling instemmingsplichtig is. De bestuurder heeft besloten een ontwikkeltraject in te voeren zonder de OR daarbij te betrekken. De OR is van oordeel dat sprake is van een instemmingsplichtig besluit en heeft daarvan de nietigheid ingeroepen. De bestuurder vindt niet dat sprake is van een instemmingsplichtig besluit en heeft daadwerkelijk uitvoering gegeven aan het besluit. De bestuurder is van mening dat sprake is van een incidenteel, eenmalig en kleinschalig traject, ingezet vanuit de behoefte aan kwaliteitsverbetering. Nadien heeft bestuurder in de loop van 2015 een algemeen beoordelingssysteem ingevoerd voor de gehele organisatie. Over dit systeem is wel instemming aan de OR gevraagd en ook verkregen.

Bemiddelingverzoek BC Markt I 15.007 (sector: veehouderij)
De bestuurder, een ondernemer in de veehouderij, wil de werktijden aanpassen, met als gevolg dat de medewerkers minder ADV-uren opbouwen. Partijen vragen de bedrijfscommissie een uitspraak te doen over de vraag of de personeelsvertegenwoordiging (PVT) in deze kwestie wel of niet instemmingsrecht heeft. De geldende CAO biedt ruimte aan een bedrijf om werktijden vast te stellen die afwijken van de CAO. Dat is in het verleden ook gebeurd. Afgesproken is toen dat de werktijd 37,5 uur per week zouden bedragen. Ervan uitgaande dat het werk aanvangt om 7.30 uur en er 50 minuten pauze is, betekent dit dat het werk van medewerkers dagelijks om 15.50 uur zou moeten eindigen. Omdat de werkgever dat destijds onwenselijk vond is toen de afspraak gemaakt dat de medewerkers tot 16.10 uur werken en dat de aldus extra op te bouwen tijd (20 minuten) dient te worden beschouwd als ADV-uren, die twee of drie wekelijks kunnen worden opgenomen. Thans wil de werkgever de werktijden laten eindigen om 16.00 uur, waardoor de opbouw van ADV-uren wordt gehalveerd. De PVT stelt zich op het standpunt instemmingsrecht te hebben. Partijen vragen in deze kwestie geen bemiddeling maar een oordeel van de bedrijfscommissie.

Bemiddelingverzoek BC Markt II 15.002 (sector: welzijn)
In de organisatie vindt een reorganisatie plaats. Aan de OR is gevraagd in te stemmen met een voorgenomen besluit tot wijziging van een regeling op het gebied van aanstellingsbeleid. De OR heeft de gevraagde instemming onthouden en de nietigheid ingeroepen van het besluit om toch tot uitvoering van het voorgenomen besluit over te gaan. Het voorgenomen besluit houdt in dat aan maximaal drie fte. een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd wordt aangeboden bovenop de in de reorganisatie afgesproken formatie. Het gaat om medewerkers die werkzaam zijn op tijdelijke projecten, waarvoor niet zeker is of er na zo´n project opnieuw een project met bijbehorende financiering beschikbaar is. Aanleiding tot het voorstel is de nieuwe ketenbepaling in de Wet Werk en Zekerheid (WWZ), die het de werkgever lastig maakt om dergelijke medewerkers op basis van tijdelijke contracten voor langere periode aan zich te binden. De OR is van mening dat de bestuurder met dit besluit een uitzondering maakt op het reorganisatiebesluit. Daarnaast is de OR van oordeel dat met dit besluit een financieel risico wordt gelopen in het geval aanvullende financiering uitblijft. Dit kan bovendien tot gevolg hebben dat er medewerkers moeten worden ontslagen, hetgeen gelet op het afspiegelingsbeginsel ook andere medewerkers kan treffen dan de medewerkers met de nieuwe vaste aanstelling.

Bemiddelingsverzoek BC Markt II 14.011 (sector: zorg/ICT)
De OR meent dat de bestuurder is afgeweken van het principe om naar aanleiding van (positieve) eindejaarsbeoordelingen aan medewerkers een beloning toe te kennen (in de vorm van een trede in een salarisschaal). De OR wil antwoord krijgen op de vraag of deze wijziging in het beloningsbeleid een (instemmingsplichtige) wijziging betreft in de zin van artikel 27, lid 1 WOR. De bestuurder is van mening dat de organisatie een beloningssystematiek kent waarin weliswaar sprake is van een jaarlijkse indexatie van de lonen, maar waar de overige verhogingen individueel jaarlijks door de directeur werden en worden bepaald en niet automatisch zijn gekoppeld aan het functioneren. De bestuurder is van mening dat die beloningssystematiek niet is gewijzigd. Wel is naar de mening van de bestuurder - ingegeven door veranderde marktomstandigheden - sprake van een matiging van de loonontwikkeling. Aangezien deze wordt toegepast binnen de geldende beloningssystematiek, is de bestuurder van mening dat dit niet instemmingsplichtig is.

Bemiddelingsverzoek BC Markt II 14.005 (sector: GGZ)
De OR verzoekt de BC Markt II om bemiddeling omtrent de vraag of sprake is van het uitvoering geven aan een beoordelingssysteem en of hierbij het instemmingsrecht van de OR in acht genomen dient te worden op grond van artikel 27, lid 1 sub g WOR. De OR is van mening dat sprake is van een invoering van een beoordelingssysteem waarvoor het instemmingsrecht geldt. De bestuurder is van mening dat het management slechts gebruik maakt van een beschikbaar HRM-instrument en dat hier geen sprake is van een (nieuw) beoordelingssysteem.

Bemiddelingsverzoek BC Markt II 13.025 (sector: onderwijs)
De OR en de bestuurder verschillen van mening over de vraag of het instellen van nieuwe functies of het aanpassen van bestaande functies en/of de beloning van deze functies ter instemming moet worden voorgelegd aan de OR.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 13.023 (sector: kinderopvang)
De PVT verzoekt bemiddeling omtrent de vraag of een van de door de bestuurder gedane voorstellen in het kader van de eindejaarsuitkering (EJU) 2013 als doel daartoe mocht dienen en/of de PVT al dan niet terecht dit voorstel als doel heeft afgewezen.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 13.022 (sector: zorg)
Het geschil gaat over het binnen de zorginstelling te voeren kledingbeleid. De OR is van mening dat hem instemmingsrecht toekomt met betrekking tot de (wijziging van de) Richtlijn Burgerkleding en hem is ook om instemming gevraagd, echter uiteindelijk is de richtlijn ingevoerd zonder dat de instemming van de OR is ver­kregen.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 13.019 (sector: kinderopvang)
De OR en bestuurder verschillen van mening over de interpretatie van artikel 5.7 van de cao Kinderopvang en over de vraag of de bestuurder in deze kwestie artikel 27 WOR naar behoren naleeft. Artikel 5.7 van de cao bepaalt dat uitbetaling van de eindejaarsuitkering (EJU) ad in totaal 3,5%, berekend over het totale jaarsalaris en de in het betreffende jaar opgebouwde vakantietoeslag, afhankelijk is van vooraf tussen werkgever en OR vast te stellen resultaten en/of doelen. Het al dan niet bereiken van deze objectief meetbare resultaten en/of doelen moet door de werknemers te beïnvloeden zijn.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 13.018 (sector: onderzoek en onderwijs)
Het geschil gaat over een (al dan niet tot stand gekomen) regeling in het kader van het in de onderneming gevoerde beleid gericht op inzetbaarheid. De OR meent dat hem ter zake instemmingsrecht toekomt omdat sprake is van een regeling op het terrein van de personeelsbeoordeling en bevorderings- en ontslagbeleid.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 13.012 (sector: sociale werkvoorziening)
Aan de orde is een besluit van de bestuurder om zonder instemming van de OR een specifieke toelage af te schaffen. Volgens de OR is dit een instemmingsplichtig besluit. De bestuurder is van mening dat de OR geen zeggenschap heeft met betrekking tot dit besluit, met name omdat er sprake is van een primaire arbeids­voorwaarde. Bovendien is het besluit redelijk en billijk en wordt de toelage niet in één keer afschaft, maar geleidelijk over een periode van drie jaar.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 13.002 (sector: kinderopvang)
Dit geschil gaat in materiële zin over het besluit van de bestuurder om een andere arbodienst te contracteren. De OR is hierin niet om instemming verzocht en hem zijn gevraagde en meermalen toegezegde stukken hierover onthouden. De OR stelt dat er sprake is van een instemmingsplichtig besluit en heeft de nietigheid van het besluit ingeroepen. De bestuurder stelt zich op het standpunt dat zij volledige keuzevrijheid met betrekking tot de keuze en het contract met de arbodienst heeft.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.022 (sector: groothandel)
Het geschil betreft een nieuwe pensioenregeling die de onderneming voor al haar medewerkers wenst in te voeren, onder gelijktijdige intrekking van de oude (huidige) pensioenregeling. De OR heeft uiteindelijk besloten hier niet mee in te stemmen. Het besluit van de OR is in de ogen van de bestuurder gebrekkig gemotiveerd. Naar de mening van de OR ontbreekt de motivatie van de bestuurder om de pensioenregeling te wijzigen.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.019 (sector: groothandel)
Aan de orde is een voorgenomen besluit van de bestuurder om de bestaande bonusregeling te wijzigen. De bestuurder had namelijk geconstateerd dat bepaalde medewerkers van de afdeling Sales nagenoeg gegarandeerde bonussen krijgen, zodat daarvan voor hun geen prikkel uitgaat om een betere prestatie te leveren. Met de nieuwe voorstellen wordt beoogd ‘over-achievement’ hoger te belonen en voorts om de medewerkers te dwingen eerder in het jaar hun prestatie neer te zetten, die zich dan later in het jaar vertaalt in hogere bonussen. Een en ander is eveneens in lijn met het wereldwijde bonusplan van de organisatie. De OR heeft gemotiveerd aangegeven niet in te stemmen met de voorgestelde wijziging van het bonusplan.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.016 (sector: dienstverlening)
Partijen zijn verdeeld over de vraag of de OR in het onderhavige geschil al dan niet instemming heeft verleend voor de invoering van ORBA (functiewaardering). De OR stelt dat hij geen instemming heeft verleend voor het vaststellen van een functiewaarderingssysteem, omdat de bestuurder de door de OR voorgestelde voorwaarde waaronder instemming verleend zou worden, niet heeft overgenomen.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.015 (sector: groothandel)
De tussen de onderneming en haar werknemers op 1 januari 2008 in werking getreden pensioenovereenkomst betreft een uitkeringsovereenkomst die voorziet in een vastgestelde pensioenuitkering. In artikel 13 van de pensioenovereenkomst is bepaald of en hoe jaarlijks indexatie van de pensioenen plaatsvindt. De OR stelt dat het besluit van bestuurder, om de in artikel 13 lid 1 van de pensioenovereenkomst genoemde pensioenen over de periode 2009 tot en met 2012 slechts gedeeltelijk te indexeren, instemmingsplichtig is in de zin van artikel 27, lid 1, sub a van de WOR. Bestuurder heeft die instemming gevraagd noch gekregen. 

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.014 (sector: dienstverlening)
De vraag die partijen verdeeld houdt, is of er sprake is van een wijziging van een (niet schriftelijk) vastgelegde bedrijfsregeling (hierna: ‘de nachtdienstregeling’) en zo ja, of deze wijziging de instemming behoeft van de OR op grond van artikel 27 WOR. De bestuurder heeft besloten tot het buiten toepassing laten van de nacht-dienstregeling van bedrijfsonderdeel A door chauffeurs vrijwillig de nachtdiensten te laten rijden conform de cao OV.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.013 (sector: dienstverlening)
Bestuurder heeft besloten om de salarissen van de zogenoemde boven-cao-medewerkers per 1 januari 2013 niet te indexeren. De COR is van mening dat hij daaromtrent om instemming had moeten worden gevraagd. Omdat de bestuurder geen instemming heeft gevraagd over het genomen besluit heeft de COR de nietigheid van het besluit ingeroepen.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.012 (sector: dienstverlening)
Binnen de onderneming bestaat tussen de COR en de bestuurder discussie over de reiskostentoeslag, meer specifiek over de vergoeding van de zogenaamde ‘onbereisbare uren’. De COR heeft in 2012 ingestemd met het voorstel Winstdelingsregeling en wijziging onkostenvergoeding onbereisbare uren op voorwaarde dat bij roosterwijzigingen ook de vergoeding aangepast moet worden. De COR is van mening dat niets hem in de weg staat om voorwaarden te verbinden aan het verlenen van instemming. De bestuurder daarentegen meent dat de COR zich in de onderhavige kwestie onredelijk opstelt en is van mening dat de COR reeds instemming heeft verleend. 

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.010 (sector: dienstverlening)
Het voorgenomen besluit van de bestuurder tot het verwijderen van de automatische prijscompensatie uit het arbeidsvoorwaardenreglement (hierna: avr) valt te kwalificeren als het wijzigen of het intrekken van een belonings- of een functiewaarderingssysteem. Naar de mening van de bestuurder is de beslissing van de OR om geen instemming te verlenen onredelijk. Het voorgenomen besluit wordt naar de mening van de bestuurder gevergd door zwaarwegende bedrijfseconomische en bedrijfssociale redenen.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.008 (sector: ICT)
De OR verzoekt de BC Markt I om bemiddeling dan wel advies in twee geschillen die de OR heeft over (i) een door bestuurder doorgevoerde wijziging van het personeelsbeoordelingssysteem (toevoeging van een component; de zogenaamde R-factor) en (ii) een door bestuurder genomen besluit tot vaststelling of wijziging van een beloningssysteem (individuele verzoeken om akkoord te gaan met salarisreductie). De OR is van mening dat de hierboven genoemde besluiten nietig zijn vanwege het ontbreken van de instemming van de OR en dat aan deze besluiten geen (verdere) uitvoering mag worden gegeven en de eventuele gevolgen daarvan ongedaan moeten worden gemaakt.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.003/13.004/13.005 (sector: chemie)
Geschil 1: De OR meent dat hij instemmingsrecht heeft met betrekking tot de herziene versie van de gedragscode 2013, hetgeen door de bestuurder wordt betwist. Geschil 2: De OR meent dat hij instemmingsrecht heeft met betrekking tot het implementeren en opzetten van de procedure voor ziekteverzuim. De bestuurder meent echter dat de OR te vroeg het instemmingsrecht claimt. Geschil 3: Naar de mening van de OR dient de bestuurder een specifiek beloningssysteem toe te passen in een gegeven casus. Dit wordt door de bestuurder betwist.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.002 (sector: ICT)
Tussen de COR/GOR en de bestuurder speelt een geschil over de vraag of de invoering van het ‘Compensatie-programma 2012’ een instemmingsplichtig besluit betreft in de zin van artikel 27, dan wel artikel 32 WOR. In 2007 heeft de organisatie een wijziging in haar beloningssysteem, ook wel ‘het compensatieprogramma’ genaamd, doorgevoerd. Hiervoor is destijds, voor de duur van één jaar, instemming gevraagd en verkregen van de raad. Ook in de jaren 2008 t/m 2011 heeft de organisatie elk jaar voor de wijziging van het beloningssysteem instemming voor de duur van één jaar gevraagd en verkregen. Voor de invoering van het compensatieprogramma 2012 heeft de bestuurder aanvankelijk geweigerd de raad om instemming te vragen; uiteindelijk is ‘voor zover vereist’ alsnog instemming gevraagd, maar heeft de raad zijn instemming onthouden. Desalniettemin heeft de bestuurder besloten over te gaan tot uitvoering van dit programma.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 13.001 (sector: industrie)
Aan de orde is een door de bestuurder voorgenomen wijziging van de regeling Lenen van Personeel. Hierin wordt geregeld hoe de onderneming omgaat met het uitlenen van personeel. De bestuurder heeft de wijziging aan de OR voor een reactie voorgelegd en deze heeft aangegeven er niet mee te kunnen instemmen. Omdat de OR voorts constateert dat de bestuurder zich niet meer houdt aan de geldende regeling en derhalve materieel de bestaande regeling al heeft gewijzigd, heeft hij de nietigheid van deze wijziging ingeroepen.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 12.040 (sector: vervoer)
De OR verzoekt bemiddeling ten aanzien van de weigering van de bestuurder om de kosten van juridische bijstand van de OR voor zijn rekening te nemen; voorts is sprake van een verschil van inzicht over de vraag of het inhuren van een externe coach/cursusleider door de bestuurder duidt op een daaraan ten grondslag liggend instemmingsplichtig besluit van de bestuurder tot het vaststellen of wijzigen van een regeling op het gebied van bedrijfsmaatschappelijk werk.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 12.039 (sector: dienstverlening)
De bestuurder en de OR verzoeken gezamenlijk om bemiddeling in verband met een wijziging van de winstdelingsregeling binnen de onderneming. Er lijkt verschil te worden gemaakt tussen werknemers bij het toekennen van uitkeringen op grond van de winstdelingsregeling 2011. De OR meent dat deze regeling door de bestuurder eenzijdig is veranderd en dat het betreffende besluit daartoe in strijd is met artikel 27 WOR.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 12.036 (sector: dienstverlening)
Aan de orde is een geschil over een wijziging van een bonusregeling. Bestuurder heeft het voornemen om een klanttevredenheidscomponent in te bouwen. Verschil van mening bestaat over de systematiek voor het toekennen van deze component, te weten via het ‘on/off’ principe, waardoor de uitkering alles of niets is, dan wel via een systeem van lineaire uitbetaling. Ook bestaat verschil van mening over de aftopping van het maximum van deze component op 100 procent, en over de uitbetaling per kwartaal in plaats van per maand.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 12.032 (sector: groothandel)
Aan de orde is de vraag of het in 2012 vastgestelde bonusplan 2011 past binnen het bonussysteem dat in 2011 is vastgesteld en de instemming heeft van de OR. De bestuurder is van oordeel dat het binnen de gemaakte afspraken past, terwijl de OR van oordeel is dat onderdelen niet passen binnen de gemaakte afspraken en dat derhalve materieel sprake is van een wijziging van het bonussysteem en dat een dergelijke wijziging de instemming behoeft van de OR.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 12.030 (sector: industrie)
Het geschil betreft het (oneigenlijke) gebruik van camera’s in de onderneming, waarvan de OR stelt dat deze worden gebruikt als personeelsvolgsysteem. De OR geeft aan dat er geregeld klachten binnenkomen dat er camera’s worden gebruikt om medewerkers op hun gedrag aan te spreken. De OR stelt nooit instemming te hebben verleend voor het gebruik van camera’s voor andere doelstellingen dan het tegengaan van diefstal bij de uitgangen en het in de gaten houden van het productieproces. De bestuurder stelt dat de OR formeel juridisch niet (meer) in de positie verkeert om het gebruik van de thans binnen de organisatie aanwezige camera’s aan banden te leggen/te verbieden.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 12.021 (sector: dienstverlening)
De bestuurder en OR hebben vanaf eind 2010 tot heden 2012, intensief en regelmatig overleg gevoerd over de vormgeving van het mobiliteitsbeleid en een nieuwe dienstautoregeling. De bestuurder heeft de OR meerdere malen een instemmingsverzoek ex artikel 27 WOR voorgelegd en gevraagd in te stemmen met het besluit tot wijziging van het mobiliteitsbeleid en de daaraan verbonden overgangsregeling, dan wel in te stemmen met het beëindigen van de huidige dienstautoregeling en een bijbehorende overgangsregeling. Hoewel er veelvuldig overleg heeft plaatsgevonden, komen partijen niet tot overeenstemming. Alle gedane instemmingsverzoeken zijn door de OR afgewezen. Na het vijfde en laatste instemmingsverzoek wendt bestuurder zich tot de Bedrijfscommissie Markt I.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 12.018 (sector: dienstverlening)
De OR legt drie zaken voor:
1) Het besluit van de bestuurder om een aantal vrije dagen te laten vervallen, zonder instemming te vragen.
2) Verschil van mening over de benaming van de 13e maand.
3) Bestuurder komt de verplichtingen op grond van de WOR bij verandering van onder meer de arbeidsvoorwaarden niet na.
Bestuurder brengt naar aanleiding van het verzoek van de OR zelf twee andere punten in: de pensioenregeling en de tegemoetkoming in de ziektekosten.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 12.010 (sector: dienstverlening)
De OR stelt dat het besluit van de bestuurder om over te gaan tot wijziging van de all-share regeling (bonusregeling) instemmingsplichtig is in de zin van artikel 27, lid 1, sub a van de WOR (winstdelingsregeling). De bestuurder heeft die instemming gevraagd noch gekregen. De OR heeft zich op de nietigheid van het besluit beroepen. De bestuurder is van mening dat het genomen besluit valt binnen de mogelijkheden van de regeling en niet instemmingsplichtig is.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.009 (sector: zorg)
Tijdens de piekuren overdag zijn er onvoldoende parkeerplekken voor patiënten, bezoekers en medewerkers van het ziekenhuis. De bestuurder heeft een pakket aan maatregelen ter zake ter instemming voorgelegd aan de OR op grond van artikel 27 WOR. Op grond van de cao moet ten aanzien van de inzet van woon-werkverkeergelden overeenstemming bestaan tussen bestuurder en de OR. De bestuurder heeft ook de besteding van de parkeergelden ter instemming aan de OR voorgelegd. De bestuurder heeft de OR meerdere malen een
(aangepast) instemmingsverzoek ex artikel 27 WOR voorgelegd en gevraagd in te stemmen met het pakket aan maatregelen ten aanzien van het bereikbaarheidsbeleid. Partijen komen niet tot overeenstemming.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.006 (sector: onderwijs)
De OR gaat niet akkoord met de door de bestuurder per 1 januari 2012 eenzijdig doorgevoerde verandering van de wijze waarop de arbodienstverlening, als bedoeld in art. 14, lid 1 van de Arbowet, bij de onderneming van bestuurder is geregeld.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.005 (sector: welzijn)
De bestuurder heeft in het kader van een reorganisatie eenzijdig een sociaal plan vastgesteld voor de periode van 1 januari 2012 tot 1 januari 2013, nadat de onderhandelingen hierover met de vakbonden waren vastgelopen. De OR is pas achteraf over het vastgestelde plan geïnformeerd. Het geschil ging aanvankelijk over de vraag of de OR instemmingsrecht toekwam. Maar gedurende de bemiddeling wijzigde dit in een beroep door de OR op het adviesrecht. De OR stelde daarbij dat de bestuurder het sociaal plan niet als onderdeel van
de adviesaanvraag over de reorganisatie had bijgevoegd en dat hij daardoor geen advies meer heeft kunnen uitbrengen over het sociaal plan en hier geen wezenlijke invloed op heeft kunnen uitoefenen.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.004 (sector: zorg)
Bestuurder stelt voor om in afwijking van de cao VVT een pauzeregeling te hanteren, waarbij medewerkers op de werkplek pauzeren en de pauzetijd als werktijd wordt aangemerkt.
Het betreft een onderneming in de intramurale verzorgingshuiszorg, verpleeghuiszorg en thuiszorg. In één van de thuiszorglocaties is een aantal kleinschalige wooneenheden voor mensen met dementie gehuisvest.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 12.003 (sector: welzijn)
Het gaat in dit geschil om een verlaging van de hoogte van de feestdagcompensatie van 8 naar 7,2 uur waarvoor de OR geen instemming voor verleent. De OR is van mening dat de bestuurder in strijd handelt met een goede toepassing van artikel 27 van de WOR. Volgens de bestuurder is de verlaging van de feestdagcompensatie een logisch gevolg van de invoering van de jaarurensystematiek (JUS) uit de vigerende cao voor de Gehandicaptenzorg, om invoering waarvan de OR in 2009 zelf verzocht heeft.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.033 (sector: personenvervoer)
De bestuurder wil een pilot uitvoeren om de dienstverlening en begeleiding op het gebied van re-integratie en ziekteverzuimbeleid door een nieuwe arbodienstverlener uit te proberen. Bestuurder verzoekt de COR om instemming. De COR verleent geen instemming, omdat hij vindt dat hij over meer informatie dient te beschikken, wil de COR tot een inhoudelijke beoordeling in staat zijn. Volgens bestuurder is de weigering van de COR onredelijk.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.032 (sector: personenvervoer)
De OR stemt niet in met de nieuwe werktijdregelingen, welke jaarlijks i.v.m. de nieuwe dienstregeling dienen te worden ingevoerd. De OR stelt met name te weinig informatie te hebben. Bestuurder laat de dienstregelingen toch invoeren.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.031 (sector: transport, personenvervoer)
De gemeenschappelijke OR (GOR) van het bedrijf stelt dat het besluit van bestuurder om het personeel voornaambadges te laten dragen, instemmingsplichtig is in de zin van art. 27, lid 1, sub k van de WOR.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.028 (sector: personenvervoer)
Bestuurder wil de verplichte opleiding waarmee de chauffeurs de vakbekwaamheid behalen en de nascholing volgen aanpassen. Het betreft de opleiding waarmee de zogenaamde Code 95 wordt behaald, benodigd om een bus met passagiers te mogen besturen. De COR stemt niet in met de door bestuurder voorgestelde aanpassingen.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.027 (sector: energie)
De OR is van mening dat de bestuurder ten onrechte een besluit heeft genomen zonder dit ter instemming aan de OR voor te leggen. Het betreft de wijziging in de resultaatafhankelijke beloning voor medewerkers die in dienst zijn op basis van zgn. functiecontracten. Voorheen werd deze variabele beloning gebaseerd op ‘EBIT’, thans op ‘EBITDA’.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.024 (sector: personenvervoer)
Is het (voorgenomen) besluit tot het doen uitvoeren van een pilot door een nieuwe arbodienstverlener binnen twee vestigingen van het bedrijf een instemmingsplichtig besluit?

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.020 (sector: chemie en kunststoffen)
De bestuurder van het bedrijf, dat zich bezighoudt met de ontwikkeling, productie en verkoop van verven ten behoeve van de glas- en keramische industrie, wil voor alle laboranten een 2-ploegendienst invoeren om een snellere afhandeling van test- en controleverzoeken vanuit productie te realiseren.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.019 (sector: (internationaal) transport) 
De OR en de bestuurder verschillen van mening of een protocol, waarin geregeld is dat 65-jarige werknemers nog twee maal een contract voor bepaalde tijd voor de duur van maximaal twee jaar kan worden aangeboden, instemmingsplichtig is of niet.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.011 (sector: zorg) 
De kwestie betreft de vragen bij welk medezeggenschapsorgaan van de organisatie het instemmingsrecht ligt, de COR of de OR, en of het opleidingsplan onder de werking van art. 27, lid 1, sub f WOR valt.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.010 (sector: industrie)
De bestuurder wil een wijziging van arbeidsvoorwaarden invoeren middels twee regelingen, een wijziging van de winstuitkeringsregeling en een optionele individuele regeling betreffende winstdeling die gekoppeld wordt aan een uitbreiding van een 38-urige naar een 40-urige werkweek (Profit Share Regeling).

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.009 (sector: zorg)
Het geschil betreft de invoering van een HR-cyclus met variabele beloningssystematiek.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.008 (sector: kinderopvang) 
Het geschil gaat over het wel of niet uitkeren van de eindejaarsuitkering op basis van de cao voor de Kinderopvang.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.007 (sector: grafische sector)
De ondernemingsraad is van mening dat het besluit van de bestuurder tot het laten vervallen van eerder gemaakte decentrale afspraken en een ploegendienstovereenkomst instemmingsplichtig was conform artikel 27 lid 1 sub b WOR.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 11.006 (sector: zorg) 
Probleem in het besluitvormingsproces ten gevolge van onduidelijkheid over de rolverdeling tussen bestuurder en OR bij uitwerking van advies- en instemmingsplichtige besluiten.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.005 (sector: grootmetaal)
De bestuurder wil vanwege achterstallig onderhoud binnen een bedrijfsonderdeel een 2-ploegendienst inzetten voor de duur van 27 maanden. Naast vaste werknemers zullen hiervoor ingeleende werknemers worden ingezet.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.004 (sector: dienstverlening)
De bestuurder wil in het kader van een kostenbesparing een nieuwe leaseregeling invoeren. De OR vindt dat er sprake is van een instemmingsplichtig besluit.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 11.002 (sector: transport, personenvervoer)
Binnen een concessie openbaar vervoer wordt in een bepaald deelgebied de concessie deels uitgevoerd door onderneming X en deels (in onderaanneming) door onderneming Y, waarbij het betreffende personeel van X is gedetacheerd bij Y.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 10.015 (sector: welzijn) 
Het meningsverschil speelt zich af in een organisatie die zich bezighoudt met de zorg voor ‘probleemjongeren’. Elke medewerker krijgt een aantal zaken toebedeeld (onder toezicht gestelde jongeren). In 2009 hebben de bestuurder en ondernemingsraad een norm vastgesteld voor het aantal zaken per fulltime medewerker.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 10.012 (sector: welzijn) 
Een bemiddelingsverzoek is ingediend omdat de bestuurder een studiekostenbeding wil hanteren voor een opleiding waarvan de OR stelt dat die opleiding een verplichtend karakter heeft.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 10.010 (sector: welzijn) 
Het meningsverschil speelt zich af in een organisatie die zich bezighoudt met de zorg voor ‘probleemjongeren’.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 10.009 (sector: dienstverlening)
Binnen de onderneming wordt een bonusregeling gehanteerd. Deze bestaat uit een individuele en collectieve component. Om de bonus vast te stellen werd normaliter in november een beoordelingsgesprek gehouden en de bonus werd in december uitgekeerd. Door een wijziging wordt het beoordelingsgesprek voortaan in januari gehouden en de bonus uitbetaald in maart.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 10.006 (sector: gesubsidieerde arbeid) 
De OR zegt niet in te kunnen stemmen met een structurele verruiming van het dagvenster waarbinnen arbeid wordt verricht. De bestuurder heeft aangegeven de rechter om vervangende instemming te vragen indien partijen er bij de bedrijfscommissie niet uitkomen.

Bemiddelingsadvies BC Markt II 10.005 (sector: welzijn) 
Het gaat in deze kwestie om drie extra verlofdagen - waarvan twee met Carnaval - boven de vrije dagen
o.g.v. de cao. Deze drie dagen worden jaarlijks in overleg met de OR toegekend. Bestuurder wil deze dagen als buitengewoon verlof laten vervallen. De OR is het hier niet mee eens.

Bemiddelingsadvies BC Markt I 10.001 (sector: industrie)
Het geschil tussen OR en bestuurder spitst zich toe tot de vraag of het vaststellen van de salarisrichtlijn – en meer in het bijzonder: de merit-matrix – tot de instemmingsbevoegdheid ex artikel 27, lid 1 sub c WOR behoort.

powered by sitecore